Hij wacht me op in de Kastanjestraat, vlak voor een waterplas met een balk van tropisch hardhout. Ontspannen zittend op zijn kleurige fiets: “Ja die balk is van mij, die is van mijn vorige zeepkist gevallen, die was zo groot, tot aan die auto daar…” Hij wijst naar een voertuig in de Lindestraat, een honderdtal meters verderop.
“Heb je al een nieuwe zeepkist?”
“Nee, die krijg ik nog, die moet nog worden gemaakt.” Hij zucht eventjes. Ik loop met mijn Canon langzaam verder over het pad achter langs de OBS De Molshoop. Het blonde joch gidst mij naar het plein.
“Gaat pappa je helpen met die nieuwe zeepkist?”
“Nee, dat doe ik zelf.”
Op het plein is met weerbestendige verf gewerkt, kleurrijk. Een hinkelbaan?
“Dat heb ik ook gemaakt, helemaal alleen. ”
We staan even stil bij allerlei kleinere druksels: woorden, plaatjes.
“En dat heb ik ook gemaakt.” De jonge kunstenaar overziet met een bloedserieus gezicht “zijn” schepping.
“Knap van jou zeg!”
Hij knikt. Langzaam gaan we richting de Oosterweg.
“Wat zet je nou weer op de foto? Heb je die basketball der al op gezet? Dat speelding heb je al, hè?”
Dat had ik hem inmiddels al verteld, het klimtoestel had ik een vorige keer al gekiekt.
Bij de Oosterweg wijst hij me een grijze personenauto aan, enkele huizen verderop aan de overkant.
“Die is van een oom, die is gisteren pas gekomen met het vliegtuig, van heel ver.”
“Heb je die oom al gezien dan?”
“Nee, nog niet. We gaan er nog heen.”
Hij kijkt de andere kant op, naar de bloeiende prunussen.
“Heb je die al?”
foto’s: ©janblaauw, 29 april 2008
BOVEN: schoolplein achter de OBS De Molshoop Noordhorn
ONDER: OBS De Molshoop met bloeiende prunussen aan de Oosterweg

