MIDWOLDA – NIESOORDLAAN 49, familie Adam+Otto v.d.Holt, begin jaren zestig?

10-1-2017-09-39-26_0675
Een foto die ik al eerder plaatste, in mei 2013. (Gebruik gerust de ZOEKfunctie!) De foto is afkomstig van Theo Kiewiet, Midwolda-kenner bij uitstek. Bovendien staat zijn moeder op deze foto, en ook zijn grootouders….
Voor Dolf Adam, een andere kleinzoon, is deze foto de bevestiging dat zijn grootouders op nummer 49 woonden aan de Niesoordlaan. (Ik neem aan dat ze niet zo maar in andermans tuin een foto- en muzieksessie organiseerden…)
Jurjen en Tetje Adam herinner ik me sterker vanuit de woningbouw (later Schortinghuislaan) dan van de Niesoordlaan. Gek eigenlijk, want ik heb ‘maar’ tot mijn achtste in de woningbouw gewoond, op E53, later Schortinghuislaan 11. Schuin tegenover ons woonde toen de familie Adam. Jurjen Adam was toen ook duivenhouder, waarschijnlijk stond hij al bekend als “Jurjen Doefke”. (Bijnamen waren er toen veel meer dan nu, al weet ik niet of mijn vader ook een bijnaam heeft gehad…) Moeke Blaauw was een vriendin van Tetje Adam, de gezinnen gingen wel eens samen erop uit. Naar de polder, of naar de speeltuin aan De Garst in Winschoten. Als kind liep je vrij gemakkelijk naar je overburen. Adam had ook kippen en er werd wel eens eentje geslacht. De tweede zoon Krino (Krijno?!) was in mijn herinnering een echte grappenmaker. Hij was het die nog eens tot ons afgrijzen een kip zonder kop over het erf liet lopen…. Bovendien kende hij het trucje met een kippenpoot en liet ons dat graag zien: We keken met grote ogen naar de geheimzinnige manier waarop hij als een ware goochelaar de tenen van zo’n poot liet bewegen….
Er zal later wel “wat” gebeurd zijn in de relatie tussen de twee gezinnen, het is nooit meer zo vriendschappelijk geworden aan de Niesoordlaan als in de woningbouw. Een enkele keer kwam ik nog wel eens achter bij Adam om naar de duiven te kijken, meestal met mijn jonger maatje Otto van der Holt die hier dus ook op de foto staat. Met Otto voetbalde ik vaak, maar soms was de voetballust even afwezig en werd er wat anders bedacht. Toen begreep ik ook van hem dat bij verstoppertje spelen zelfs wel eens gebruik werd gemaakt van de grote duivenhokken bij Adam…. Nee, dat durfde ik dus niet, ook al heb ik als kind  wel eens huzarenstukjes uitgehaald. Tot mijn stomme verbazing begreep ik toen dat ook de jongste dochters van ‘plietsie Leupen’ (huisnummer 53?) wel eens meededen. Leupen was voor mij een onberispelijke gezagsdrager met ‘natuurlijk’ voorbeeldige kinderen…..
Op de foto ook de oudste zoon Geert Adam die denk ik altijd inwoner van Midwolda is gebleven en ook jaren lang een steunpilaar voor de Hervormde kerk is geweest en een betrokken lokale bestuurder vanuit de christelijk geïnspireerde gemeentepolitiek. CHU? Of was het toen al CDA? Niet alle leden van de familie Adam waren in even sterke mate belevende christenen. Zoon Krino, niet op de foto, dacht er toch wat anders over dan zijn oudere broer Geert. Althans, zo herinner ik het mij. Hoe dat met de dochters Trijntje en Willy was, weet ik niet meer. Trijntje werd later de moeder van Theo Kiewiet. Willy, die hier accordeon speelt, heb ik vele jaren later nog eens ontmoet in Nuis/Niebert bij het afscheid van volksverhalenverzamelaar pur sang Ate Doornbosch. (Of was het zonder -ch-?) Ze woonde elders, maar was speciaal naar het Westerkwartier gekomen voor dit afscheidsgebeuren en de aanbieding van een bankje aan de landelijk bekende Ate. Ik was toen niet in bijster goede doen blijkbaar, kon me weinig herinneren van die Midwolda-periode, Willy wist veel meer te vertellen…
De jongedame in het midden aan de rechterkant? Van haar is de naam nog steeds niet bekend geworden, voor zover ik weet. Waarschijnlijk een vriendin van een van de dochters, wie het weet, mag het zeggen!
Waarom nu nog eens deze foto? Dat komt doordat de Niesoordlaan onregelmatig terugkeert, niet alleen in mijn beleving, maar ook in het nieuws. De huurhuizen met dat kenmerkende wit op de voorgevel (al lang verdwenen neem ik aan) die leeg staan, zijn onlangs dichtgespijkerd met panelen. Er zijn nog enkele woningen bewoond en voor die bewoners is het niet aangenaam in zo’n duidelijke afbraakbuurt te wonen. (Althans, dat neem ik aan…) Plannen voor deze huizen waren er al jaren. Verbouwen of afbreken en nieuwbouw realiseren? De verantwoordelijke woningbouwstichting besloot tot afbraak. Of de nieuwbouw plannen doorgaan weet ik niet. Ooit liet Theo Kiewiet me zien hoe het eruit zou komen te zien. Ben benieuwd wat het wordt en hoop van ganser harte dat er niet met de bewoners wordt gesold.
Wanneer de foto is genomen? Ik weet het niet…. Wij zijn in de nazomer van 1953 verhuisd naar de Niesoordlaan 59. Ik heb vanuit daar dus mijn verdere lagere schooltijd, de ULO-jaren en de Rijkskweekschoolperiode beleefd. Tot ik in november 1967 als onderwijzer naar Zuidhorn vertrok en alleen de weekeinden nog thuis kwam, en de vakanties. Mijn ouders vertrokken aan het eind van ’68 naar Hoogeveen en daarmee was de Midwolda-binding fors dunner geworden. Pas later, als je flink ouder bent, komt die binding sterk terug. Zoals bij het kijken naar deze foto, de woning op de achtergrond, de akkers die nog net zichtbaar zijn, het WC-raampje, de niet best onderhouden kozijnen….

3 reacties op “MIDWOLDA – NIESOORDLAAN 49, familie Adam+Otto v.d.Holt, begin jaren zestig?

  1. Op de Dag van de Groninger Geschiedenis was er een oud-kapitein van de marechausse, die in Zuidhorn opgegroeid was, maar vanaf 1967 twintig, dertig jaar bij de grenswacht in Nieuweschans had gezeten. Hij vertelde me dat hij heel erg had moeten wennen aan de mensen daar in Oost-Groningen. Jij maakte eigenlijk precies de omgekeerde reis. Ook zo moeten wennen?

  2. Ja, ik moest ook wennen. Tegelijkertijd denk ik dat het niet zo uitzonderlijk is. Regionale verschillen in Friesland, Zeeland, Limburg, ze zijn ‘overal’. West Groningen? Ontzettend veel aardige mensen, maar ze zijn in mijn ogen vaak defensiever, voorzichtiger, omzichtiger. Conflicten, grote, kleine, maakt niet uit, gaan ze het liefst uit de weg, velen lopen er met een boogje omheen… Het knalt niet zo vaak, geknetter alleen uit de lucht bij onweer. (En dan moet ik er meteen bij zeggen dat er uitzonderingen zijn… Elkaar eens flink de waarheid zeggen, dat kun je vaak alleen maar denken…. Of ik er in al die jaren sinds 1967 aan gewend ben geraakt? Ongetwijfeld. En toch blijf ik in mijn hart vooral een Oost-Groninger!

  3. Een feest der herkenning. Mijn oma Tijtje nadrukkelijk met lange IJ was een dame met pit. Ze kon iemand flink de woarhaid vertellen en ik denk dat ik begrijp waarom de relatie sinds de woningbouw naar de Niesoordlaan was bekoeld. Het is eigenlijk een film van oude mensen en de dingen die voorbij gaan. Mijn vader heeft veel betekend voor de hervormde gemeente en ook als politicus. Als jongere begrijp je soms de meningen van je ouders niet en ik was dan ook verbaasd dat mijn vader op mijn vraag waarom hij overging naar CHU en CDA antwoordde: Ik ben daarbij omdat ik het voor 99% niet mee eens ben. Ik begreep dat helemaal niet maar nu ik wat ouder ben en alles overzie denk ik dat het inderdaad zo was. Hij heeft zich ingezet voor de samenleving waarbij hij de grenzen van zichzelf en soms ook zijn dierbaarsten ver is overgegaan. Hij was dan gelieerd aan een partij en een geloofsgemeenshap maar hij was vooral een mens die begaan is met mensen en daarbij nooit een oordeel had of wilde horen. Wij willen nog weleens smeuïge verhalen vertellen over wat we gehoord hebben van deze of gene, maar dat corrigeert hij altijd met: niks over zeggen of oordelen als je er niet bij bent geweest of het niet zeker weet. Mijn vader is nu 87 jaar en in z’n hoofd gaat het niet altijd meer zoals hij zelf zou willen, maar wat dit betreft is hij nog altijd recht door zee. Houdt het zuiver. Wat de mentaliteit betreft weet ik dat ik toen ik in Lelystad solliciteerde de vraag kreeg of ik als Groninger geen moeite zou hebben met de recht toe aan mentaliteit van Amsterdammers. Groningers zijn stug en kort van stof en zo wordende hokjes ingevuld, maar dankzij mijn opvoeding was ik ervan overtuigd dat het ging om mensen waarmee ik te maken had. Mens met mensen dat het als je je geboortegrond verlaat en en toekomst in een andere regio start. Nu meer dan 35 jaar later merk ik dat de verbondenheid met je geboortegrond of streek toch een belangrijke rol speelt en dat je betrokkenheid daarbij groot blijft. Ik zou er nooit meer naar terug willen maar de band blijft.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *